Fascinatie voor introverten

Wanneer je niet weet waar je het zoeken moet, kun je het maar beter dicht bij jezelf zoeken.

 

Een paar maanden geleden startte ik met afstuderen. Blikken met filmmakende psychologen, schrijvende thigmofielen en begeleiders die steeds verkondigden dat we naar onze drive op zoek moesten (jááháá) werden opengetrokken om mij zover te bewegen dat ik de ultieme afstudeeropdracht wist te formuleren. Wanneer je niet weet waar je het zoeken moet, kun je het maar beter dicht bij jezelf zoeken. Daarom ben ik mijn afstuderen gestart vanuit mijn fascinatie voor de introverte (mede)mens. Behalve dat ik mezelf als doelgroep kon beschouwen, gaf het mij ook een legitieme reden om ten strijde te trekken tegen het leger van zogenoemde ontmoetingsplekontwerpers (voor de geïnteresseerden: woordwaarde 48). Waarom ik eigenlijk zo erg de kriebels van ontmoetingsplekken krijg, daar kon ik toen nog geen vinger op leggen. De doelgroep introverten lijkt zich te bevinden onder de nerds, sociaal incapabelen en verlegenen.

De doelgroep introverten lijkt zich te bevinden onder de nerds, sociaal incapabelen en verlegenen.
Maar niets is minder waar. Hieronder volgen drie misverstanden over introverten: Introverten zijn verlegen en onzeker. Er is geen verband tussen introvert en verlegen zijn. Er zijn introverten die heel goed hun mannetje kunnen staan (maar dat alleen doen wanneer er nood aan de man is) en er zijn ook extraverten die erg verlegen en onzeker kunnen zijn, denk aan die ene vrouw die haar mond niet kan houden als ze zenuwachtig is. Je zou eerder een kwadrant kunnen maken (zie hieronder), waarin een schaal van extravert tot introvert haaks staat op een schaal van zeker tot onzeker. Introverten hebben geen sociale vaardigheden. Waar extraverten hun energie halen uit gezelschappen, slurpt het bij introverten juist energie. Dit betekent niet dat ze een einzelganger zijn, maar dat introverten vooral eens in de zoveel tijd een moment nodig hebt om op te laden. Daarnaast zetten introverten hun spaarzame energie het liefst in om een één-op-één-gesprek te voeren. Ze houden niet van gesprekken over koetjes, kalfjes en het weer, maar zijn deste meer gefascineerd als er een interessant onderwerp besproken wordt. Praten om het praten is er al helemaal niet bij. Als mensen dus zeggen dat een introvert zo stil is in het gezelschap, dan zegt dat dus meer over de kwaliteit van het gesprek dan over de persoon zelf.

Introverten vinden het enger dan extraverten om voor een publiek te staan. Ken je Bill Gates, Barack Obama, Albert Einstein, Mahatma Ghandi, Mark Zuckerberg, Warren Buffet, Abraham Lincoln, Tom Ford, Emma Watson, Anton Corbijn, Steve Wozniak, Johnny Depp of David Bowie toevallig? Allemaal mensen die zijn gaan staan voor iets dat zij bijzonder of belangrijk vinden én introvert zijn. Daar zit ‘m ook de crux. Introverten zullen alleen opstaan als zij overtuigd zijn van hun verhaal en ze het zo belangrijk vinden dat de wereld hiervan op de hoogte te is. En misschien zullen ze dat publiek niet altijd even fijn vinden, het weerhoudt ze er niet van om het dan maar te laten zitten. Ik heb deze weerleggingen niet allemaal zelf bedacht, ze komen uit een boek dat iedere introvert die twijfelt of hij/zij uit de kast moet komen, zou moeten lezen: “Quiet: The power of introverts in a world that can't stop talking” van Susan Cain (Nederlandse vertaling: “Stil: De kracht van introvert zijn in een wereld die niet ophoudt met kletsen”). Na het boek gelezen te hebben, wist ik ook waar die aversie jegens ontmoetingsplekken vandaan kwam. Waarom zou je mensen op plekken willen ontmoeten als daar totaal geen aanleiding voor is? Als je niets hebt om over te praten? Waarom zou men op een station met iemand een gesprek over koetjes en kalfjes willen voeren op een plek die daarvoor ontworpen is? Daar begrijp ik nog steeds niets van.Met de introverte doelgroep in het achterhoofd is er nog geen plek die ik dan wél zou willen ontwerpen. Die ruimte kun je zoeken op een plaats waar ik wel graag zou willen zijn. Een plek waar ik nu dit stukje ook aan het tikken ben. De ultieme introvertenplek is, naar mijn gekleurde mening, de bibliotheek. Daar waar iedereen samen zijn eigen ding doet, in zijn eigen personal space bubble. Deze ultieme plek is echter geen uitdaging wanneer je ontwerpt voor introverten. Ik wilde daarom mijn onderzoek verbreden en niet de extraverten buitensluiten, zoals introverten door extraverte ontwerpers wel eens buitengesloten worden. Mijn afgelopen weken en komende maanden staan daarom in het teken van de persoonlijke ruimte voor extraverten én introverten. Want hoe creëer je personal space in een publieke ruimte? En hoe beïvloeden persoonlijke kenmerken (zoals introversie) jouw beleving van een persoonlijke ruimte?

Dit onderzoek ga ik toepassen op een plek waar jouw persoonlijke ruimte wordt gedefinieerd door de ruimte binnen de vijf stalen plaatjes van een kluisje: de middelbare school. Een middelbare school heeft behalve een beperkte persoonlijke ruimte, ook een gebruikersdoelgroep die kwetsbaar is en waar ‘erbij horen’ even belangrijk is als voor je volgende proefwerk een voldoende halen. Het onderzoek naar persoonlijke ruimte lijkt me hierdoor goed toe te passen op een middelbare school. Een paar weken terug heb ik al eens geschreven over hoe de middelbare school van de toekomst eruit zou kunnen zien. Hoe toekomstgericht leren en persoonlijke ruimte verenigd kan worden, daar ga ik in de komende maanden achter komen…

#5

10 maart 2016